Box 3 blijft een miljardenpuzzel: beleggers wachten op duidelijkheid

Home > Onafhankelijk > Box 3 blijft een miljardenpuzzel: beleggers wachten op duidelijkheid
Facebook
LinkedIn
X

De hervorming van box 3 blijft de Nederlandse politiek bezighouden. Wat aanvankelijk een relatief duidelijk traject richting een belasting op het werkelijke rendement leek, is opnieuw onzeker geworden. Het kabinet werkt al jaren aan een nieuw stelsel waarin het daadwerkelijke rendement op vermogen centraal staat. De invoering daarvan stond gepland voor 1 januari 2028, maar binnen de coalitie zijn de precieze vorm en vooral de budgettaire gevolgen nog altijd onderwerp van discussie.

Een belangrijk discussiepunt is het verschil tussen een vermogensaanwasbelasting en een vermogenswinstbelasting. Bij een vermogensaanwasbelasting worden ook ongerealiseerde waardestijgingen jaarlijks belast. Stijgt een aandelenportefeuille bijvoorbeeld met €100.000, dan kan daar belasting over verschuldigd zijn zonder dat de belegger daadwerkelijk aandelen heeft verkocht. Bij een vermogenswinstbelasting wordt belasting over koerswinsten in principe pas geheven wanneer de winst daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Vooral voor beleggers met een lange beleggingshorizon kan dit verschil aanzienlijk zijn.


Wat betekent dit voor beleggers?

Voor vermogende particulieren betekent de huidige situatie vooral dat langetermijnplanning lastig blijft. Het huidige box 3-stelsel blijft voorlopig van kracht. In 2026 wordt voor beleggingen en andere bezittingen in de voorlopige aanslag uitgegaan van een forfaitair rendement van 6,00%, waarover vervolgens 36% belasting wordt geheven. Tegelijkertijd bestaat de mogelijkheid om het werkelijk rendement door te geven wanneer dit lager uitvalt dan het forfaitaire rendement.


De komende maanden worden belangrijk

De komende periode zal duidelijk moeten worden welke richting het kabinet uiteindelijk kiest. Het huidige wetsvoorstel blijft vooralsnog de basis voor het nieuwe box 3-stelsel vanaf 2028, maar het kabinet onderzoekt tegelijkertijd aanpassingen en werkt ook aan de langere-termijnoptie van een vermogenswinstbelasting.

Voor beleggers betekent dit dat voorzichtigheid met fiscale langetermijnbeslissingen geboden blijft. Het is op dit moment moeilijk om met zekerheid te zeggen hoe vermogen vanaf 2028 wordt belast. Wel lijkt duidelijk dat de belasting op vermogen de komende jaren een belangrijk politiek thema blijft. De uiteindelijke keuze tussen belasting op vermogensaanwas of op gerealiseerde vermogenswinst kan gevolgen hebben voor de netto-opbrengst van beleggen.

Deel deze blog

Facebook
Twitter
LinkedIn
Search